Midden

Holland Rijnland: ‘We zetten vol in op praktijkleren’

De arbeidsmarkt trekt aan, maar niet iedereen profiteert hiervan. Dat was voor de arbeidsmarktregio Holland Rijnland in 2017 aanleiding om een marktbewerkingsplan te maken. Doel: realiseren van een inclusieve arbeidsmarkt. Hoe staat het ervoor, ruim een jaar later? Wat zijn de plannen voor 2019? Een gesprek met Gertru Diender, directeur sociaal domein bij de gemeente Leiden.

Waarom hebben jullie een marktbewerkingsplan gemaakt in Holland Rijnland? 

Gertru Diender: ‘We willen in Holland Rijnland – samen met werkgevers, UWV, gemeenten, sw-bedrijven en werkgeversservicepunten – kansen creëren voor mensen die aan de kant staan. Dat is misschien een open deur, maar wel waar het om draait. Goede samenwerking is daarvoor noodzakelijk.

Holland Rijnland is de samenwerkingsorganisatie van 13 gemeenten uit de Duin- en Bollenstreek, de Leidse regio en de Rijnstreek. Er zijn veel partijen vertegenwoordigd in onze arbeidsmarkregio. Dat maakte het best lastig om de samenwerking van de grond te krijgen. Vaak verzanden we in structuur- en systeemdiscussies.

Mede daarom hebben we onze doelen en plannen op het gebied van inclusie vastgesteld in het marktbewerkingsplan, dat is ons houvast. Het plan heeft meer weg van een actieplan dan een rapport: samen dingen doen staat voorop.’

Hoe werken jullie samen aan een inclusieve arbeidsmarkt?

‘We zijn gestopt met het uitgangspunt ‘Gij zult samenwerken’: we werken alleen samen als het van toegevoegde waarde is. Ofwel: als de samenwerking bijdraagt aan meer werkgelegenheid voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Sinds we niet meer praten over structuren en meer werken vanuit de inhoud verloopt de samenwerking aanmerkelijk soepeler.

Op basis van het gezamenlijke plan zijn we binnen zeven sectoren in 2018 gestart met projecten, gericht op het aan het werk helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het gaat om werk in de zorg, bouw, onderwijs, transport en logistiek, horeca, schoonmaak en techniek. Door werk anders te organiseren, ontstaan er nieuwe kansen voor de doelgroep. Ook zijn we aan de slag gegaan met concrete werkgelegenheidsprojecten en een regionaal scholingsfonds.’

Gertrud Diender

Gertru Diender

Kun je een voorbeeld geven van zo’n project? 

‘We organiseren bijvoorbeeld regelmatig bijeenkomsten per sector. Dan bespreken we met alle partijen waar de kansen liggen voor de doelgroep in een bepaalde sector. Het zijn meestal succesvolle bijeenkomsten met werkgevers, doordat we denken in oplossingen.

Werkgevers zijn logischerwijs geneigd om vanuit de bedrijfsvoering te denken. Dan zoeken ze bijvoorbeeld iemand die én vier talen spreekt én 5 dagen in de week kan werken én technisch opgeleid is – het welbekende schaap met vijf poten. Wellicht is een schaap met drie poten, die drie dagen in de week kan werken en niet perfect Engels spreekt ook van waarde voor de organisatie.

Bijvoorbeeld als de werkgever de processen iets anders inricht en de kandidaat een training-on-the job krijgt. Vaak blijkt meer mogelijk als we goed met elkaar doorpraten. Er is nu vaak sprake van een mismatch tussen het aanbod van mensen en de vraag van werkgevers. Dat betekent dat we aan beide kanten moeten zoeken naar oplossingen – dat besef is er bij alle partijen.’

Werpt de aanpak in Holland Rijnland vruchten af?

‘Ik kan niet met cijfers onderbouwen dat door deze aanpak meer vacatures zijn ingevuld of dat de bijstandscijfers zijn gedaald. Dat is ook moeilijk aan te tonen. Wat ik wel weet: deze manier van matchen levert meer kansen op voor zowel werkgevers als werkzoekenden.

Een voorbeeld. Laatst organiseerden we in de sector horeca een bijeenkomst: 13 koks in spe solliciteerden al kokend voor kok. Van de 13 kandidaten vonden op deze manier 10 kandidaten vervolg bij een werkgever. Tien! Een van de kandidaten bleek te eigengereid om in een team te werken, maar ook daar bleek een mouw aan te passen.

Het mooie is, dat we door deze manier van werken meer aansluiten bij waar de energie zit. Door vanuit de inhoud samen te werken ontstaat er energie en – niet onbelangrijk – begrip voor elkaars wereld. De samenwerking volgt dan vanzelf.’

Wat is de grootste uitdaging voor nu?

‘Mensen en werkgevers koppelen, daar draait alles om. De meeste mensen die nu nog aan de kant staan, hebben meer ondersteuning nodig om aan het werk te komen. Met extra scholing, coaching en begeleiding lukt het vaak wel om mensen te matchen op aangepaste  vacatures.

Een mooi voorbeeld daarvan zijn de banen in de zorgsector. Dat zijn oorspronkelijk banen op mbo 3- of 4-niveau of hoger. Samen met werkgevers leiden we mensen in de bijstand op zodat ze verpleegkundigen in verpleeghuizen kunnen ontlasten. Zo kunnen ook mensen op mbo 1 of 2-niveau aan de slag op wat we noemen aandachtbanen. Het UWV voerde daarvoor een functieanalyse uit om te kijken welke taken geschikt zijn voor de doelgroep.

Kortom, met een beetje aanpassen van de vraag en anders inrichten van werkprocessen is er veel mogelijk. Als werkgevers zouden vasthouden aan de eis van ‘minimaal mbo-niveau 3 of 4’ dan gebeurt er niets.’

Wat zijn de plannen voor 2019 in Holland Rijnland op het gebied van inclusie?

‘We gaan verder op de ingeslagen weg. Een steeds grotere groep mensen heeft extra scholing nodig om aan het werk te komen. De functie-eisen voor banen als schoonmaker of medewerker groen zijn hoger dan vroeger. Vaak moeten mensen met verschillende apparatuur kunnen werken. Daarom ben ik een groot voorstander van praktijkleren. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt leren vaak beter in de praktijk.

Daarom zetten we in 2019 in Holland Rijnland vol in op praktijkleren. We vragen daarvoor extra middelen aan bij het ministerie van SZW. Want iedereen die werkfit is in Holland Rijnland willen we aan de slag helpen. Om dat waar te maken is commitment nodig.

Werkgevers willen graag inzicht in ‘het bestand’. Dat snap ik, maar deze groep matchen lukt niet sec op basis van competenties. Samen met brancheteams gaan we onderzoeken wat er nodig is op de arbeidsmarkt en hoe we mensen kunnen ‘bij buigen’ zodat ze wel passen. En als ze toch niet matchen op de vacatures: wat kunnen ze dan wel?

Daarnaast willen we werkgevers meer bewust maken van de voordelen van werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Met extra begeleiding zijn het meestal goede en trouwe werknemers. Ook zorgen ze voor een goede onderlinge sfeer, voor meer verbinding.’

Waar ik trots op ben?

‘Ik ben trots op waar we nu staan. Ik kijk vooruit: het glas is halfvol. Natuurlijk zijn we er nog niet, er is nog veel te doen. We gaan verder in de regio om elkaar te vinden op onze gezamenlijke doelen. Locus ondersteunt ons daarbij. We leren in Holland Rijnland veel van de ervaring die Locus heeft, vooral met de werkgeverskant. De meerwaarde van Locus zit in het feit dat ze vanuit de inhoud redeneren, omdat daar de energie van alle partijen zit. Dat was voor mij echt een eyeopener. Daarnaast ondersteunt Locus onze arbeidsmarktregio, ook in 2019, om de aanpak in de sectoren handen en voeten te geven. We gaan vol goede moed verder!’

 

Photo by Keenan Barber on Unsplash