Boven

Martin ten Bloemendal, FrieslandCampina: ‘Inclusief ondernemen? Dat doen we gewoon!’

FrieslandCampina startte in 2017 een innovatieve pilot om mensen met een beperking naar werk te begeleiden op melkveebedrijven. Bijzonder is dat FrieslandCampina de pilot inbedt in de coöperatieve organisatie waar boeren bij zijn aangesloten. Ambitie is dat in 2020 100 melkveehouders werken met mensen die vallen onder de banenafspraak. Een gesprek met Martin ten Bloemendal, Manager Health & Mobility bij FrieslandCampina.

Wat was de aanleiding voor FrieslandCampina om te starten met inclusief ondernemen?

‘FrieslandCampina vindt – zoals veel bedrijven – maatschappelijk verantwoord ondernemen belangrijk. Mede door de banenafspraak zijn wij gaan nadenken over de vraag: hoe kunnen we meer mensen met een beperking bij FrieslandCampina aan de slag helpen? In onze melkfabrieken bleken de mogelijkheden hiervoor echter beperkt.’

Waarom zijn de mogelijkheden beperkt om mensen uit de doelgroep te plaatsen in de melkfabrieken?

‘Door standaardisering van gemakkelijkere taken in onze productieprocessen waren minder mensen nodig, met diverse reorganisaties als gevolg. Het schuurt dan om mensen met een beperking werk te bieden, terwijl er ook mensen moeten verdwijnen. We hebben wel een handjevol mensen geplaatst in onze fabrieken. Daarmee halen we de doelstelling van de banenafspraak niet.’

Hoe zijn jullie aan het idee gekomen om mensen met een beperking te plaatsen bij melkveehouders?

‘Als het niet binnen onze fabrieken lukt, wat kan dan wel? Die vraag onderzochten we samen met Locus. Waarom zetten we geen mensen met een beperking in bij onze melkveehouders? Veel melkveehouders hebben behoefte aan extra mankracht. Zij worden niet alleen ‘grijzer’, maar werken ook langer door het verhogen van de AOW-leeftijd. Voor FrieslandCampina was het zaak om vraag en aanbod bij elkaar te brengen. We wilden het goed organiseren.’

Wat was nodig voor het organiseren van de pilot inclusief ondernemen?

‘Detacheren of een andere payrollconstructie bleek de meest passende wijze om mensen met een beperking te plaatsen bij onze melkveehouders. Vervolgens rees de vraag: mag dat van de politiek? Voor FrieslandCampina is het wel belangrijk dat de plaatsingen bij ons ‘meetellen’ voor de banenafspraak. Al snel kwam het verlossende woord dat onze creatieve oplossing ’mocht’. We konden van start!’

Hoe hebben jullie vervolgens de arbeidsmarktregio en de melkveehouders betrokken?

‘Tijdens een regionale bijeenkomst van Divosa – dat was nog in 2016 – presenteerden we het idee aan de arbeidsmarktregio Fryslân Werkt. Iedereen was direct enthousiast. De arbeidsmarktregio vroeg ons: ‘Wat is nodig om het tot een succes te maken?’ Ons antwoord: ‘Eén persoon die namens jullie met ons praat.’

Bij de melkveehouders verging het ons net zo. Tijdens een districtsvergadering met de melkveehouders bespraken we het plan, we zaten midden in de koeienstal. Ik dacht: Ik vertel een verhaal uit mijn privéleven. Mijn jongste broer is namelijk zwaar hardhorend. Hij wilde in een slagerij werken, maar dat ging niet. Van dichtbij maakte ik mee hoe belangrijk het is dat mensen met een beperking werk doen dat ertoe doet. Dat verhaal vertelde ik aan de melkveehouders. Aan het eind van de avond gingen we stemmen over de pilot. Een boerin stond op en zei: ‘Daar hoeven we toch niet over te stemmen. Dat gaan we toch gewoon doen!’ Je begrijpt, ik kwam tevreden uit de stal.’

Hoe hebben jullie de eerste plaatsingen gerealiseerd?

‘De kandidaten komen via de arbeidsmarkregio binnen. Daar vindt de eerste selectie plaats. Daarna kijken we samen met AB Vakwerk of er een match mogelijk is. Voordeel is dat dit uitzendbureau de melkveehouders uit de regio kent. Zij zorgen ook voor medewerkers als een melkveehouder bijvoorbeeld ziek is of extra mankracht nodig heeft. We maakten met AB Vakwerk goede afspraken, stelden functieprofielen op en zorgden voor jobcoaching. Het liep goed: in korte tijd realiseerden we tien plaatsingen.’

Hoe verloopt de pilot tot nu toe?

‘De animo bij melkveehouders is groot. We hebben nu twaalf succesvolle plaatsingen. Ook de ‘knechten’ zijn blij. Laatst zei er een: ‘Ik hoop dat dit heel lang zo blijft.’ De beschermde omgeving in boerengezin blijkt vaak goed te werken voor deze doelgroep. Zij worden opgenomen in het gezin en krijgen veel persoonlijke begeleiding.’

Wanneer is er sprake van een goede match?

‘Natuurlijk is het zaak dat de kandidaten affiniteit hebben met het werk op een melkveehouderij. Niet iedereen is zomaar geschikt. Werken op een melkveehouderij is intensief. Kandidaten die zeggen: ‘Leuk, ik had vroeger ook een hond.’ Dat is niet genoeg. Maar ook de melkveehouders moeten er natuurlijk brood in zien. Als het boerengezin gaat eten, schuift de knecht aan. Onze ervaring tot nu toe: als het matcht dan heb je geen normale werknemer, dan heb je vaak een supergemotiveerde vriend. Maar als een melkveehouder het voornamelijk doet voor de prijsverlaging, dan is het meestal geen succes.’

Krijgen de melkveehouders dan een financiële compensatie als zij mensen met een beperking werk bieden?

‘Ja, wij komen hen wat tegemoet in de kosten. Wij belasten in de opstartfase een deel van de loonkosten door aan de melkveehouder. FrieslandCampina neemt dus ook een deel van de kosten op zich. Waarom we dat doen? We willen onze melkveehouders stimuleren om deze doelgroep werk te bieden. Tegelijk helpen zij ons om te voldoen aan de banenafspraak – het mes snijdt aan twee kanten.’

Hoe gaat FrieslandCampina nu verder met de pilot?

‘We willen komend twee jaar graag opschalen naar 100 plaatsingen. Dat betekent dat wel dat we het slimmer moeten gaan doen. Plaatsen van mensen met een beperking vraagt veel van de interne organisatie. Zo is het zaak om de facturenstroom goed in te richten. En wat als een melkveehouder bijvoorbeeld ook op zaterdag of zondag mankracht nodig heeft? Hoe zit dat met de vergoeding? De laatste maanden hebben we het proces geoptimaliseerd, zodat we meer plaatsingen aan kunnen.’

Hoe zie je de toekomst van de pilot?

‘FrieslandCampina wil de pilot gaan uitbreiden naar andere regio’s. We starten met de provincies Friesland en Groningen. Daar zitten veel melkveehouders aangesloten bij onze coöperatie. Dan gaan we in Drenthe aan de slag en zakken we langzamerhand verder naar het zuiden, zo wil het plan. Daarom zijn we nu op zoek naar nieuwe samenwerkingspartners. We zoeken zogezegd naar ‘een AB Vakwerk’ in deze regio’s. Dit vraagt echt om een specifieke expertise van een detacheerbureau.

Samen met Locus hebben we een plan van aanpak gemaakt hoe we de pilot gaan opschalen. We willen natuurlijk niet overal opnieuw het wiel uitvinden. Daarbij maken we dankbaar gebruik van de kennis, expertise en het netwerk van Locus. Zij denken steeds mee over creatieve oplossingen voor vraagstukken.’

Tot slot, waar ben je trots op?

‘Ik ben er trots op dat de pilot nu al een succes is. Dat krijg ik ook terug als ik hierover spreek met andere grote werkgevers, zoals Albert Heijn. Ook een onderzoeker van Universiteit Groningen was onlangs positief over de creatieve manier waarop wij bij FrieslandCampina invulling geven aan inclusief ondernemen  We hebben echt samen met onze melkveehouders en samenwerkingspartners een innovatieve aanpak neergezet!’

Uit de vacaturetekst:

Een indruk van hoe je dag er uit kan komen te zien

Het is 7.00 uur als je wekker gaat en je bedenkt je geen seconde om op te staan. Er moet gemolken worden. Je fietst snel naar de boerderij en ziet dat er al begonnen is. Je wilt natuurlijk graag meehelpen. Hoeveel liter melk geven ze vandaag? Je bent al handig geworden in het begeleiden van de dames naar de melkstal. De klus zit er weer op. Belangrijk vind je dat alles weer spik en span is voor het melken in de avond.
Het is 10.00 uur: koffietijd! Samen met de boer en zijn gezin spreek je de dag door. Je gaat straks de koeien verzorgen en brengt ze weer naar de weide. Het mooiste vind je het huppelen van de koeien als ze weer het land in mogen. De dag zit er op, alles is weer schoon en klaar voor een nieuwe dag. Met dit gevoel ga je weer tevreden naar huis.

> Lees ook: FrieslandCampina breidt pilot ‘inclusief bij de boer’ uit

Esther van der Ploeg

Projectleider